DUIMARTHROSE

Oorzaak

Arthrose in het algemeen is slijtage van de gewrichtskraakbeenlaag. De functie van kraakbeen is beweging zonder wrijving mogelijk maken. Bij slijtage hiervan onstaat onsteking van het gewricht met pijn en stijfheid tot gevolg.

Bij rhizarthrose is er slijtage van het gewricht aan de duimbasis tussen een handwortelbeen(het os trapezium) en het middenhandsbeen(de eerste metacarpaal) van de duim. Dit is een zadelgewricht dat de draaibeweging en beweging van en naar de handpalm van de duim  toelaat.

Rhizarthrose is frequenter bij vrouwen en het voorkomen van rhizarthrose op een jongere leeftijd vanaf 45 jaar is niet zeldzaam. 

 

 

Symptomen:

Er onstaat pijn en soms ook een krakend gevoel aan de duimbasis net voorbij de pols. Door de pijn is er ook verminderde grijpkracht die noodzakelijke dagelijkse en professionele handelingen belemmerd of onmogelijk maakt. Onstekingsgebonden pijn kan in rust of 's nachts erger zijn dan bij handelingen overdag.

 

 

Diagnose en onderzoeken:

Met een gewone radiografie kan men meestal de arthrose zien en beoordelen. Soms is een bijkomende botscan of CT-scan nodig.

 

 

Behandeling:

niet operatief:

Rust, ijs en ontstekingsremmende gel of medicatie kunnen beterschap geven. Een spalkje rond de duim geeft meestal ook een pijnverlichting. Een inspuiting met cortisone in het arthrosegewricht geeft een duidelijke verbetering van de pijn. Al deze maatregelen kunnen de klachten meestal tijdelijk verbeteren.

 

 

operatief:

Afhankelijk van de ernst van de slijtage of arthrose van het duimbasisgewricht, zal men een operatieve ingreep voorstellen.

De meest gebruikte operaties zijn: duimprothese en ligamentaire reconstructie met peesinterpossitie. De ingreep wordt uitgevoerd met 1 nacht hospitalisatie en afhankelijk van de operatie zal men nadien nog een gips krijgen.

De resultaten na een duimprothese zijn meestal (90%) vrij snel (na 6 weken) goed tot zeer goed. Na een ligamentaire reconstructie met peesinterpossitie duurt het langer (3 tot 6 maanden) vooraleer men een goed resultaat bekomt.

 

 

Mogelijke complicaties zoals infectie, wondprobleem, zenuwletsels, ... komen slechts zelden voor (<1%). Er is vaak wat gevoeligheid op en rond het litteken; dit verdwijnt meestal na enkele maanden. Een mogelijke complicatie na een prothese is het loskomen van deze prothese. Dit gebeurt soms na enkele (gemiddeld 10) jaren.